Dag 11: Van Höfn naar Vik met tussenstops

Oorspronkelijk zouden we vandaag een excursie gaan doen met een sneeuwscooter, maar die excursie was helaas al volgeboekt. Dus had ik een lange trail uitgezocht om te gaan lopen, maar gisteravond hebben we besloten om die te laten zitten. Wel hebben we besloten om wat kortere trails te lopen. Daarvan zijn er ook genoeg. We moeten namelijk op tijd aankomen bij onze volgende overnachtingsplek.

Rond 8 uur zitten we aan het ontbijt in het hotel. Niets fancy, maar wel lekker. En een goede start van de dag! Als we alles op hebben, pakken we de laatste spullen in en gaan uit checken.
Als we bij de auto zijn, zeg ik tegen Monique dat we eigenlijk nog een keer terug moeten naar Vesterhorn Mountain. Monique reageert met ‘Hmm.. tja… eh…’ en dan besluiten we unaniem om toch nog een keer te gaan. Een halfuurtje moet genoeg zijn.

We rijden dus het stukje terug en kopen bij de receptie een kaartje. De dame wil aangeven waar we heen moeten, maar dan herkent ze ons van gisteren en zegt ze al dat we dat weten.
Snel lopen we weer naar de auto en rijden door de slagboom. Dat gaat tergend langzaam, want het lijkt wel alsof niemand hier weet hoe een slagboom werkt. Tergend langzaam rijdt een camper er doorheen.

Als snel zien we dat het zicht beter is dan gisteren. Dan zie ik dat ook de weerspiegeling lijkt zoals ie hoort te zijn. Nu nog afwachten of dat ook zo is!
We parkeren de auto en stappen uit. Het lijkt bijna windstil te zijn. We lopen over het zwarte zand richting de plas water.

Zodra we dichterbij komen, worden we steeds blijer! Want wat we zien, is precies datgene waarvoor we hier naar toe wilden! De berg weerspiegelt zo ongelooflijk mooi in het water met het zwarte zand! Dit is echt ongekend en hebben we nog nooit gezien! We lopen wat langs de rand van het water en blijven foto’s maken!

Langzaam maar zeker laten we alle andere bezoekers achter ons. We besluiten om nog een stuk door te lopen en dan via het strand terug naar de auto te gaan.

Ik loop een stuk vooruit en zie in de verte iets in het zand liggen. Het lijkt een steen, maar iets doet me denken dat het wat anders is. Als ik dichterbij kom, zie ik dat het een zeehond is, maar hij ligt wel heel stil. Ik loop nog een stukje door en zie dan dat hij dood is. Snel loop ik terug richting Monique en zeg tegen haar dat we maar terug moeten lopen.

Het is tijd om weer terug te gaan naar de auto. We hebben nog meer plannen, want dat halfuurtje dat we hier zouden blijven, is bijna 1,5 uur geworden!

Bij de receptie vullen we onze flessen nog even met water en dan gaan we op pad. We rijden verder naar het westen via de zuidkust.
Als we een goed uur op weg zijn, zie ik een grote parkeerplaats in de verte. Ik kijk nog eens goed en zeg tegen Monique dat ik ijsschotsen zie. We zijn even vergeten dat we langs Jökulsárlón gletsjermeer zouden rijden. Dit meer ligt vol ijsbergen van de Breiðamerkurjökull-gletsjer.


Natuurlijk slaan we meteen af, maar vlak voor de parkeerplaats zegt een dame dat ze zo goed als vol zijn. Maar ik kan een kijkje nemen en als ik geen parkeerplaats vind, dan kan ik naar de overkant van de weg rijden. Daar is een overflow en vandaar uit kunnen we lopend naar deze kant komen. Ik rij een rondje en zeg dan tegen Monique dat we wel aan de overkant gaan parkeren. Geen zin om te wachten tot er iemand vertrekt.

Aan de overkant is plaats zat. We parkeren de auto en stappen uit. Snel trekken we de puffy’s aan, want allemachtig het is koud hier. En dat terwijl de temperatuur gewoon 8 graden aan geeft.
We lopen als eerste naar Diamond Beach. Op dit zwarte strand spoelen ijsschotsen aan vanuit ht Jökulsárlón meer.

Ik zeg tegen Monique dat we al eerder ijsschotsen hebben gezien in Alaska. Dat is inmiddels 21 jaar geleden, maar het blijft bijzonder om te zien. Met name de verschillende kleuren. De verschillende kleuren ontstaan door de dikte van het ijs (blauw), luchtbellen in het ijs (wit), wat weer blauw wordt als het veel licht door laat. Maar door de structuur van het ijs kan het weer groen, paars of andere tinten kleuren. Als laatste zorgt vuil ervoor dat het ijs groen, grijs of zwart wordt.

Na al deze weetjes lopen we naar de andere kant. Hier liggen de echte ijsschotsen. In de verte zien we de gletsjer liggen. Het is een buitengewoon bijzonder gezicht. Ondanks dat het megadruk is, is er voldoende ruimte voor iedereen om foto’s te schieten, selfies te maken en met groepen te poseren.

Na een tijdje zijn we uitgefotografeerd. We maken nog een pitstop en lopen terug naar de auto. Daar trekken we de jassen weer uit en rijden van de parkeerplaats af. Inmiddels is het al 13 uur en we beginnen wel wat trek te krijgen. We besluiten om een stuk verderop bij een van de picknickplekken te stoppen en wat te eten.

Een paar kilometer verderop zien we weer een parkeerplaats. Hier staat het niet zo vol, maar we vermoeden dat we ook hier zicht op de gletsjer zullen hebben. We maken dus een stop, parkeren de auto en lopen het wandelpad op.
Zodra we aan de andere kant komen, zien we de gletsjer van alle kanten. Ook in dit deel liggen ijsschotsen.
Een lijkt precies op een brug die openstaat, terwijl een andere eruit ziet als een wieg. En daarachter ligt de gletsjer mooi te zijn! Het zonlicht dat daar op schijnt, maakt het plaatje compleet.

We lopen de trail af, maken hier en daar nog foto’s en gaan dan terug naar de auto. Ik pak water en gooi het in de kom. Dan zet ik de brander aan, zodat we het water kunnen koken.
Niet veel later zitten we lekker te smikkelen in de warme auto. Hier waren we wel even aan toe.

Daarna gaan we weer op pad. We hebben vanwege de tijd besloten om alle andere trails te laten voor wat het is. We moeten op tijd in ons hotel van vanavond aan komen, omdat we daar een reservering voor het restaurant hebben. En vanaf hier is het nog wel een paar uur rijden.

We stoppen nog hier en daar, maken af en toe ook gewoon een pitstop om even de benen te strekken en verbazen ons onderweg over de snelheid waarmee we worden ingehaald. Ik blijf stug 90 kilometer per uur rijden. We worden anders gek van alle belletjes, rinkeltjes en andere toeters en bellen die continue af gaan in de auto. Welkom bij het nieuwe rijden!

Als we nog zo’n half uur moeten rijden, komen we door Vik. Ook hier is het enorm druk. Ook zie ik dat het hier onwijs hard waait! Hier is ook een bijzonder strand, dus we zullen zien of we morgen nog terugrijden om dat te gaan bekijken.

Een halfuurtje later komen we bij de afslag die we moeten hebben en al snel zien we het hotel opdoemen in de verte. Vanuit dit hotel kun je zo een van de zwarte stranden op. Dat zullen we vandaag niet meer doen, maar morgen misschien wel. Ook kunnen we hier wilde paarden zien. Die huizen in dit gebied. We zullen zien of we dat geluk hebben.

Monique stapt uit bij de receptie en waait daar zowat naar binnen! Voor het eerst maken we de enorm krachtige wind van IJsland mee. We hebben inmiddels alles al gehad qua weer. Sneeuw (niet heel veel, maar toch), regen (maar gelukkig minder dan we hadden gedacht) en volop zon!

Als we zijn ingecheckt lopen we naar de kamer. Dit hotel heeft, naast een zeer goed restaurant, ook een Michelin sleutel. De liggen is dan ook bijzonder, maar ook de bouw. Wij gaan ons hier wel een avond vermaken. Maar eerst relaxen en dan een lekker hapje eten in het restaurant hier.

De foto’s van vandaag vind je via de link.

Dit bericht werd geplaatst in 2026: IJsland. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.